Nieuws

  • Home
  • Nieuws
  • Het loonkostenvoordeel oudere werknemer heeft met ingang van 1 januari 2018

Het loonkostenvoordeel oudere werknemer heeft met ingang van 1 januari 2018

Het loonkostenvoordeel oudere werknemer heeft met ingang van 1 januari 2018

Het loonkostenvoordeel oudere werknemer heeft met ingang van 2018                                                

Het loonkostenvoordeel (LKV) oudere werknemer is een van de vier loonkostenvoordelen die per 1 januari 2018 in werking is getreden. 

De werkgever en werknemer moeten voor dit LKV aan een aantal voorwaarden voldoen. 

Vier voorwaarden LKV oudere werknemer (56+)  

De werkgever heeft recht op dit voordeel als hij een werknemer in dienst neemt die voldoet aan 4 voorwaarden:  

  1. De werknemer is verzekerd voor een of meer van de werknemersverzekeringen. 
  2. De werknemer is 56 jaar of ouder, maar heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt. 
  3. De werknemer was in de 6 maanden voor de werkgever hem aanneemt, niet bij hem in dienst.  
  4. De werknemer had, in de kalendermaand voor hij bij de werkgever in dienst kwam, recht op een van de volgende uitkeringen:
  • werkloosheidsuitkering (WW, IOW)  
  • arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO, WIA, Wet Wajong, Waz, Wamil)  
  • inkomensondersteuning Wet Wajong  
  • bijstandsuitkering (Participatiewet), IOAW, IOAZ)  
  • uitkeringen uit de EU, de EER of Zwitserland die hetzelfde doel hebben als genoemde Nederlandse uitkeringen  

Doelgroep verklaring   

Daarnaast moet de werkgever voor de werknemer een doelgroep verklaring hebben.    

De werknemer kan de doelgroep verklaring aanvragen bij UWV of de gemeente.

Als hij een uitkering krijgt uit de EU, de EER of Zwitserland, dan vraagt hij de doelgroep verklaring altijd aan bij UWV.

De werknemer is niet verplicht om de doelgroep verklaring aan te vragen.

Als de werknemer een doelgroep verklaring wil aanvragen, moet dat binnen 3 maanden na de datum waarop de werkgever de werknemer in dienst neemt of herplaatst.  Doet hij dat later, dan heeft hij geen recht meer op de
doelgroep verklaring. En heeft de werkgever geen recht op het loonkostenvoordeel.

De werknemer kan bij het aanvragen van de doelgroep verklaring aangeven dat de werkgever automatisch een kopie
moet krijgen. Hij kan ook zelf een kopie aan de werkgever geven.

Als de werknemer de werkgever daarvoor machtigt, kunt u de doelgroep verklaring vanaf 1 januari 2018 ook zelf
aanvragen.

U bewaart de doelgroepverklaring bij de loonadministratie.  

Meer informatie vindt u op uwv.nl/wtl   

Aangifte loonheffingen 

In de aangiften loonheffingen over 2018 kunt u aangeven welk loonkostenvoordeel u voor de werknemer
wilt aanvragen. Dat kunnen er voor dezelfde werknemer ook meer dan een zijn. Hoe u dit precies aangeeft,
hangt af van uw softwarepakket.

Geen doelgroepverklaring, geen LKV aanvragen

Zolang u voor een werknemer nog geen doelgroepverklaring hebt, mag u voor deze werknemer het
loonkostenvoordeel niet aanvragen in uw aangifte. Dat mag pas als u de verklaring hebt. Geldt de verklaring
ook voor eerdere aangiftetijdvakken, dan moet u die tijdvakken corrigeren om te voorkomen dat u een deel
van het loonkostenvoordeel misloopt. Want de periode van 3 of 1 jaar gaat lopen vanaf het moment dat u de
werknemer in dienst neemt of herplaatst.

Maximaal 3 jaar aanvragen

Als werkgever en werknemer aan alle voorwaarden voldoen, dan mag de werkgever het loonkostenvoordeel vanaf het begin van de dienstbetrekking maximaal 3 jaar aanvragen voor deze werknemer.  

UWV beoordeelt op basis van de poli administratie en de afgegeven doelgroep verklaringen voor welke werknemers de werkgever recht heeft op het loonkostenvoordeel.

Dienstverband onderbroken tijdens looptijd

Als het dienstverband tijdens de looptijd van het loonkostenvoordeel wordt onderbroken, dan kunt u daarna
voor deze werknemer weer recht hebben op het loonkostenvoordeel. De voorwaarde dat de werknemer niet
bij u in dienst is geweest in de 6 maanden voor u hem aanneemt, geldt dan niet. De looptijd van het
loonkostenvoordeel wordt door de onderbreking niet verlengd 

Verloonde uren 

Voor die werknemers krijgt u een bedrag per verloond uur, tot een maximumbedrag per jaar. Vul in de aangifte dus het aantal verloonde uren goed in.  

Als een werknemer 2 of meer inkomstenverhoudingen bij de werkgever heeft, bijvoorbeeld omdat hij onder verschillende sub nummers valt, dan bepaalt het aantal verloonde uren van al zijn inkomstenverhoudingen samen op hoeveel loonkostenvoordeel u voor hem recht hebt.  

Hoeveel loonkostenvoordeel? 

Hoeveel loonkostenvoordeel een werkgever krijgt, hangt af van het aantal verloonde uren.

Oudere werknemer:

  • bedrag per verloond uur: € 3,05
  • maximum bedrag per jaar: € 6.000
  • aantal jaren LKV voor dezelfde werknemer aanvragen: 3 jaar

Automatisch uitbetalen in 2019 

De Belastingdienst betaalt de loonkostenvoordelen over 2018 in 2019 automatisch aan de werkgever uit als uit de aangiften loonheffingen over 2018 en de afgegeven doelgroepverklaringen blijkt dat de werkgever er recht op heeft. Eerder kan niet, want pas in 2019 is bekend hoeveel verloonde uren een werknemer in 2018 had. 

Maar 1 LKV per werknemer

Als de werkgever voor dezelfde werknemer tegelijk recht heeft op meer dan een loonkostenvoordeel, dan vraagt u ze allemaal aan. Per loonkostenvoordeel wordt dan berekend op welk bedrag u voor de werknemer recht hebt. U krijgt
vervolgens alleen het hoogste bedrag uitbetaald. Zijn de berekende bedragen even hoog, dan krijgt u alleen
het LKV oudere werknemer.

Geen verlenging LKV

Het recht op een loonkostenvoordeel begint te lopen vanaf het moment dat u de werknemer in dienst
neemt of herplaatst. Vanaf dat moment hebt u er in dit geval 3 jaar recht op. Die periode wordt niet verlengd.
Ook niet als het dienstverband wordt onderbroken. Of als u het loonkostenvoordeel niet krijgt uitbetaald omdat u een ander loonkostenvoordeel krijgt.

Tijdlijn LKV

Uitbetalen gaat zo:

  1. U krijgt vóór 15 maart 2019 een voorlopige berekening van de loonkostenvoordelen waar u voor de
    werknemers recht op hebt. De berekening is gebaseerd op de aangiften en correcties over 2018 die u tot
    en met 31 januari 2019 hebt gedaan.
  2. Bent u het niet eens met de berekening of vindt u dat u ten onrechte geen voorlopige berekening hebt
    gekregen? Dat kan komen doordat u onjuiste gegevens hebt aangegeven. In dat geval kunt u tot en met
    1 mei 2019 correcties over 2018 sturen. Die neemt de fiscus nog mee in de definitieve berekening van de
    loonkostenvoordelen. Correcties na 1 mei neemt de Belastingdienst niet meer mee in de definitieve berekening, maar wel in de poli administratie. Kloppen de aangiften wel, neem dan contact op met UWV.
  3. De Belastingdienst stuurt u de definitieve berekening van de loonkostenvoordelen. Dat doet de fiscus vóór 1 augustus 2019, op basis van de gegevens die de Belastingdienst van UWV krijgt.
  4. De Belastingdienst betaalt u uiterlijk op 12 september 2019 uw loonkostenvoordeel uit.

Bron: Nieuwsbrief Loonheffingen 2018 

Schrijf u in voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van onze diensten, tips voor werkgevers en werknemers en het laatste nieuws.
We gaan vertrouwelijk om met uw gegevens, lees de privacyverklaring

Adres

Neem contact op